item4
Sonic Entity

Nocturne serie

(2007/2008)

golfvorm2

Enige tijd geleden ontstond het idee om de gedachte achter het nocturne genre te gebruiken als uitgangspunt voor een serie elektronische composities. Dit heeft geleid tot de compositie van vier tamelijk lange elektronische werken:

Nocturne I -een nachtelijke jamsessie -lengte 19'44" (2007)

Nocturne II -een ijzige winternacht -lengte 20'32" (2008)

Nocturne III -een zwoele zomernacht -(nog in wording)

Nocturne IV -in de diepte van een droom -(nog in wording)

Het uitgangspunt van het nocturne genre is in deze serie op een tamelijk vrije en associatieve manier uitgewerkt. De hieruit voortgekomen muziek begeeft zich in een spanningsveld tussen poëtische subtiliteit en verhalende uitbundigheid, en tussen concrete verwijzingen en abstracte entiteiten. Deze muzikale ‘basisruimte’ wordt ook gereflecteerd in de keuze van het geluidsmateriaal dat ten grondslag ligt aan de composities.

In het articuleren van de beschreven muzikale basisruimte (of spanningsvelden) is dus geprobeerd de uitgangspunten van het nocturne genre niet enkel uit te werken op het vlak van romantische sfeermuziek, maar ook dit ‘romantische nachtelijke landschap’ aan te wenden als een soort poort naar een dieper gelegen laag van abstracte interacties en transformaties. Het filmische karakter van de bovenlaag van de muziek wordt in die zin een soort raam waarachter verschillende complexe structuren en geluidstransformaties zichtbaar worden. Uiteindelijk is deze nocturne een interactie tussen de (sfeervolle) buitenwereld van het nachtelijke landschap/stadschap en de intieme binnenwereld van de abstracte gedachten van een eenzame denker middenin de nacht.

Vanuit dit spanningsveld beschrijven de vier delen ieder op zich een bepaald nachtelijk tafereel, en benaderen het idee van ‘nacht’ zodoende steeds vanuit een ander perspectief. Tegelijkertijd is het zo dat elementen van het eerste deel, dat als een overkoepelende inleiding kan worden beschouwd, in de andere drie delen verder worden uitgewerkt. In zijn totaliteit kan het project gezien worden als een uitbundige ode aan de ‘rijkdom en inspiratie van de nacht in al haar facetten’.

De Nocturne serie zal naar verwachting uitgroeien tot een muzikale belevenis van ongeveer een uur, waarin de luisteraar op een steeds indringender en intiemere manier onderdeel wordt van het verhaal.

Nocturne I begint als voorbode van deze ontwikkeling met een lang en mysterieus golvend intro dat uiteindelijk uitmondt in een allesdoordringende toon van een gedempte trompet. Vervolgens wordt er een veelheid aan materiaal en structuren geïïntroduceerd dat in de daaropvolgende drie delen verder wordt uitgewerkt. Nocturne I neemt daarbij de vorm aan van een soort jamsessie, hoewel duidelijk in tijd gemarkeerd door de afwisseling van eilanden van dichte klankmassa’s enerzijds en meer transparante passages van klanktransformaties en -dialogen anderzijds.

Nocturne II draagt de subtitel ‘een ijzige winternacht’. Dit deel maakt op zichzelf een meer ingetogen indruk. Landschappelijk gezien probeert dit deel een sfeer te schetsen van kale velden, ijzige wind, een heldere maan die af en toe van achter de wolken tevoorschijn komt, en een eenzaam huis waarin iemand midden in de donkere nacht zijn gedachten de vrije loop laat.

Een rode draad door dit stuk is een complex akkoord dat steeds op een andere manier gefilterd wordt, en als een soort noorderlicht lijkt te dansen, terwijl er harde windvlagen op een schoorsteen beuken. Hiermee wordt ook het spanningsveld van dit stuk benadrukt, dat zich begeeft tussen iets heel lichts en iets heel duisters, en tussen een ijzige buitenwereld en een levendige binnenwereld.

Daartussen ontwikkelen zich passages waarin heel abstracte geluiden op een steeds diepgaandere manier worden getransformeerd. Hierbij is tegelijkertijd geprobeerd om in de loop van het gehele werk een grote dynamiek te creëëren tussen zeer dun materiaal en dikke, gelaagde klankbewegingen.

Het spanningsveld tussen binnenwereld en buitenwereld wordt nog extra benadrukt door de verschillende soorten akoestiek (in feite softwarematige galm) die in het stuk worden gebruikt. Nocturne II werd gecomponeerd in opdracht van het NFPK.

Nocturne III heeft als inspiratie ‘een zwoele zomernacht’. Dit deel, dat nog niet voltooid is, zal intenser zijn dan de voorgaande delen. Vanuit het penetrante geluid van tropische insecten ontwikkelt zich een spannende dialoog van ruige, complexe elektronische geluiden. Deze dialoog bouwt vervolgens uit naar een complex weefsel van verschillende ritmische lagen. Deze toenemende intensiteit en dichtheid begint op een bepaald punt uiteen te vallen waarna een andere overkoepelende structuur van individuele gebeurtenissen ontstaat. Anders dan bij het spanningsveld in Nocturne II tussen een binnen- en buitenwereld, gaat het in Nocturne III meer om de ontwikkeling vanuit éééén punt naar een meerdere dimensies en vervolgens naar een verandering van perspectief. Dat zal dit werk aan de ene kant abstracter maken en tegelijkertijd meer direct.

Nocturne IV, tot slot, zal proberen de luisteraar nog verder naar binnen te zuigen. Dit deel zal bestaan uit de ontwikkeling van een intens klankweefsel dat is opgebouwd uit een veelvoud van microtonale bewegende lijnen, waarop als het ware wordt ingezoomd. Deze ontwikkeling zwelt aan tot op het punt dat er een opening ontstaat naar een soort surrealistische ruimte waarin bewerkte fragmenten van een trompetsolo in dialoog gaan met abstracte geluiden. Nocturne IV draagt de subtitel ‘in de diepte van een droom’, en schetst een ‘nacht’ die alleen bestaat in de innerlijke wereld van een dromende persoon.

golfvorm2

Uit Nocturne I

Uit Nocturne II

Sonic Entity